Bij ventilatie geef je aan welk systeem in de rekenzone aanwezig is. 

Kies tussen: 

  • Natuurlijke ventilatie (A)
  • Mechanische toevoer (B)
  • Mechanische afvoer (C)
  • Mechanische balansventilatie (D)
  • Gecombineerd systeem (E)

Vul daarna de kenmerken van het systeem in, zoals type ventilator, luchtdichtheidsklasse en eventueel de luchtbehandelingskast (LBK). 


Terug naar Objecten